77 · Makkī

المرسلات

Al-Mursalaat·The Emissaries

✦ memorize this sūrah

بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ

  1. وَٱلْمُرْسَلَٰتِ عُرْفًا﴿١﴾

    Bij de achtereenvolgens losgelatenen!

  2. فَٱلْعَٰصِفَٰتِ عَصْفًا﴿٢﴾

    En de er op los stormenden!

  3. وَٱلنَّٰشِرَٰتِ نَشْرًا﴿٣﴾

    En de wijd verspreidenden!

  4. فَٱلْفَٰرِقَٰتِ فَرْقًا﴿٤﴾

    En de duidelijk onderscheidenden!

  5. فَٱلْمُلْقِيَٰتِ ذِكْرًا﴿٥﴾

    En de vermaning brengenden,

  6. عُذْرًا أَوْ نُذْرًا﴿٦﴾

    ter verontschuldiging of ter waarschuwing!

  7. إِنَّمَا تُوعَدُونَ لَوَٰقِعٌ﴿٧﴾

    Wat jullie is aangezegd gebeurt.

  8. فَإِذَا ٱلنُّجُومُ طُمِسَتْ﴿٨﴾

    Wanneer dan de sterren worden uitgewist.

  9. وَإِذَا ٱلسَّمَآءُ فُرِجَتْ﴿٩﴾

    En wanneer de hemel wordt gesplitst.

  10. وَإِذَا ٱلْجِبَالُ نُسِفَتْ﴿١٠﴾

    En wanneer de bergen worden verstrooid.

  11. وَإِذَا ٱلرُّسُلُ أُقِّتَتْ﴿١١﴾

    En wanneer voor de gezanten de tijd is bepaald,

  12. لِأَىِّ يَوْمٍ أُجِّلَتْ﴿١٢﴾

    voor welke dag de termijn is vastgesteld,

  13. لِيَوْمِ ٱلْفَصْلِ﴿١٣﴾

    voor de dag van de schifting.

  14. وَمَآ أَدْرَىٰكَ مَا يَوْمُ ٱلْفَصْلِ﴿١٤﴾

    En hoe zul jij te weten komen wat de dag van de schifting is?

  15. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿١٥﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  16. أَلَمْ نُهْلِكِ ٱلْأَوَّلِينَ﴿١٦﴾

    Hebben Wij hen die er eertijds waren niet vernietigd?

  17. ثُمَّ نُتْبِعُهُمُ ٱلْـَٔاخِرِينَ﴿١٧﴾

    Maar dan laten Wij de lateren hen volgen.

  18. كَذَٰلِكَ نَفْعَلُ بِٱلْمُجْرِمِينَ﴿١٨﴾

    Zo doen Wij met de boosdoeners.

  19. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿١٩﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  20. صفحة ٥٨١
  21. أَلَمْ نَخْلُقكُّم مِّن مَّآءٍ مَّهِينٍ﴿٢٠﴾

    Hebben Wij uit verachtelijk water niet jullie geschapen,

  22. فَجَعَلْنَٰهُ فِى قَرَارٍ مَّكِينٍ﴿٢١﴾

    die Wij toen in een solide verblijfplaats legden,

  23. إِلَىٰ قَدَرٍ مَّعْلُومٍ﴿٢٢﴾

    tot een vastgestelde duur?

  24. فَقَدَرْنَا فَنِعْمَ ٱلْقَٰدِرُونَ﴿٢٣﴾

    Wij hebben die bepaald en een voortreffelijke bepaler zijn Wij.

  25. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٢٤﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  26. أَلَمْ نَجْعَلِ ٱلْأَرْضَ كِفَاتًا﴿٢٥﴾

    Hebben Wij de aarde niet gemaakt voor het opnemen

  27. أَحْيَآءً وَأَمْوَٰتًا﴿٢٦﴾

    van levenden en doden?

  28. وَجَعَلْنَا فِيهَا رَوَٰسِىَ شَٰمِخَٰتٍ وَأَسْقَيْنَٰكُم مَّآءً فُرَاتًا﴿٢٧﴾

    En Wij hebben stevige hoog uitstekende bergen op haar gemaakt en jullie fris water te drinken gegeven.

  29. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٢٨﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  30. ٱنطَلِقُوٓا۟ إِلَىٰ مَا كُنتُم بِهِۦ تُكَذِّبُونَ﴿٢٩﴾

    "Gaat op weg naar wat jullie altijd loochenden.

  31. ٱنطَلِقُوٓا۟ إِلَىٰ ظِلٍّ ذِى ثَلَٰثِ شُعَبٍ﴿٣٠﴾

    Gaat op weg naar een schaduw van drie takken,

  32. لَّا ظَلِيلٍ وَلَا يُغْنِى مِنَ ٱللَّهَبِ﴿٣١﴾

    die geen schaduw geeft en die niet tegen de vuurgloed helpt."

  33. إِنَّهَا تَرْمِى بِشَرَرٍ كَٱلْقَصْرِ﴿٣٢﴾

    Hij schiet vonken torenhoog,

  34. كَأَنَّهُۥ جِمَٰلَتٌ صُفْرٌ﴿٣٣﴾

    alsof het gele kamelen waren.

  35. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٣٤﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  36. هَٰذَا يَوْمُ لَا يَنطِقُونَ﴿٣٥﴾

    Dit is de dag waarop zij niet spreken.

  37. وَلَا يُؤْذَنُ لَهُمْ فَيَعْتَذِرُونَ﴿٣٦﴾

    En het wordt hun niet toegestaan zich te verontschuldigen.

  38. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٣٧﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  39. هَٰذَا يَوْمُ ٱلْفَصْلِ جَمَعْنَٰكُمْ وَٱلْأَوَّلِينَ﴿٣٨﴾

    "Dit is de dag van de schifting waarop wij jullie en hen die er eertijds waren bijeenbrengen.

  40. فَإِن كَانَ لَكُمْ كَيْدٌ فَكِيدُونِ﴿٣٩﴾

    En als jullie nog een list hebben, gebruikt die dan tegen Mij."

  41. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٤٠﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  42. إِنَّ ٱلْمُتَّقِينَ فِى ظِلَٰلٍ وَعُيُونٍ﴿٤١﴾

    Maar de godvrezenden zijn in schaduwen en bij bronnen

  43. وَفَوَٰكِهَ مِمَّا يَشْتَهُونَ﴿٤٢﴾

    en bij vruchten die zij maar verlangen.

  44. كُلُوا۟ وَٱشْرَبُوا۟ هَنِيٓـًٔۢا بِمَا كُنتُمْ تَعْمَلُونَ﴿٤٣﴾

    "Eet en drinkt met genoegen [als beloning] voor wat jullie gedaan hebben."

  45. إِنَّا كَذَٰلِكَ نَجْزِى ٱلْمُحْسِنِينَ﴿٤٤﴾

    Zo belonen Wij hen die goed doen.

  46. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٤٥﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  47. كُلُوا۟ وَتَمَتَّعُوا۟ قَلِيلًا إِنَّكُم مُّجْرِمُونَ﴿٤٦﴾

    "Eet en geniet nog even, want jullie zijn boosdoeners."

  48. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٤٧﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  49. وَإِذَا قِيلَ لَهُمُ ٱرْكَعُوا۟ لَا يَرْكَعُونَ﴿٤٨﴾

    En wanneer tot hen gezegd wordt: "Buigt" dan kunnen zij niet buigen.

  50. وَيْلٌ يَوْمَئِذٍ لِّلْمُكَذِّبِينَ﴿٤٩﴾

    Wee op die dag de loochenaars!

  51. فَبِأَىِّ حَدِيثٍۭ بَعْدَهُۥ يُؤْمِنُونَ﴿٥٠﴾

    Aan welk bericht zullen zij dan hierna nog geloven?

Quran Translation Name: Leemhuis Translator: Fred Leemhuis Language: Dutch ID: nl.leemhuis Last Update: August 5, 2012 Source: Tanzil.net

Play surah